Hoge Raad; online gokverliezen van vóór 1 oktober 2021 niet terug te vorderen wegens ongeldige kansspelovereenkomst

online gokverliezen van vóór 1 oktober 2021 niet terug te vorderen wegens ongeldige kansspelovereenkomst

De Hoge Raad heeft bepaald dat online gokkers hun verliezen van vóór 1 oktober 2021 niet kunnen terugvorderen op de grond dat hun kansspelovereenkomst met een aanbieder zonder Nederlandse vergunning ongeldig zou zijn. De uitspraak werd op vrijdag 3 juli 2026 gepubliceerd en volgt op prejudiciële vragen van de rechtbanken Noord-Holland en Amsterdam. De hoogste rechter neemt daarmee het eerdere advies van advocaat-generaal Siewert Lindenbergh volledig over.

De uitspraak is van grote betekenis voor honderden lopende rechtszaken en verschillende massaclaims tegen aanbieders als Unibet, PokerStars, Bwin, PartyCasino en PartyPoker. Volgens de Hoge Raad heeft de Wet op de kansspelen (Wok) nooit de strekking gehad om overeenkomsten met vergunningloze aanbieders automatisch nietig te maken.

Hoge Raad; ontbreken van vergunning maakt overeenkomst niet ongeldig

De prejudiciële vragen werden in juni 2024 opgesteld om duidelijkheid te krijgen na tegenstrijdige uitspraken van Nederlandse rechtbanken. Na aanpassingen werden de vragen in januari 2025 aan de Hoge Raad voorgelegd. Het advies van advocaat-generaal Siewert Lindenbergh verscheen in november 2025.

De Hoge Raad oordeelt dat artikel 1 van de Wok nooit bedoeld was om kansspelovereenkomsten ongeldig te maken. Ook een overeenkomst tussen een Nederlandse speler en een aanbieder zonder vergunning is daarom geen nietige overeenkomst in de zin van artikel 3:40 BW. Daarbij maakt het volgens de rechter geen verschil of een aanbieder destijds voldeed aan de prioriteringscriteria van de Kansspelautoriteit (Ksa).

Volgens de Hoge Raad kende Nederland ook vóór 1 oktober 2021 geen algemeen verbod op kansspelen. Loterijen, sportweddenschappen en fysieke casino’s waren toegestaan met een vergunning. Voor online kansspelen bestond destijds nog geen vergunningstelsel, maar het ontbreken van een vergunning betekent volgens de Hoge Raad niet dat overeenkomsten tussen speler en aanbieder automatisch ongeldig zijn. De wet voorzag al in sancties voor aanbieders zonder vergunning, waaronder boetes en strafrechtelijke vervolging.

Grote gevolgen voor rechtszaken en massaclaims

De uitspraak zet een streep door de juridische grondslag waarop veel spelers hun gokverliezen probeerden terug te vorderen. Eerdere uitspraken, waaronder die van de rechtbank Overijssel op 17 april 2024 in zaken tegen Bwin en PokerStars, leidden nog tot terugbetalingen van ongeveer €200.000. Andere rechtbanken, waaronder Zeeland-West-Brabant, kwamen juist tot een tegenovergestelde conclusie. Om verdere verschillen te voorkomen vroegen de rechtbanken Noord-Holland en Amsterdam de Hoge Raad om duidelijkheid.

De uitspraak heeft ook gevolgen voor de verschillende massaclaims die sinds 2024 zijn aangekondigd, onder meer door Benzi Loonstein, Gokverliesterug en Dynamiet Nederland. Voor zover deze uitsluitend zijn gebaseerd op de gestelde nietigheid van kansspelovereenkomsten, kunnen zij niet slagen.

Individuele claims blijven mogelijk

De Hoge Raad sluit andere juridische procedures niet uit. Spelers kunnen mogelijk nog een beroep doen op dwaling, onrechtmatige daad, schending van de zorgplicht of oneerlijke handelspraktijken wanneer daarvoor voldoende juridische grond bestaat.

Advocaat Benzi Loonstein noemt de uitspraak “teleurstellend en verrassend” en wijst erop dat de hoogste rechters in Duitsland en Oostenrijk vergelijkbare overeenkomsten met illegale aanbieders wel ongeldig achten.

“We zullen de uitspraak zorgvuldig analyseren voordat we onze volgende stap bepalen. Voor ons is deze zaak nog niet direct afgerond. Mogelijk blijven andere juridische grondslagen beschikbaar.”

Ook Deepak Thakoerdien van Dynamiet Nederland verwacht dat zaken die uitsluitend zijn gebaseerd op nietigheid worden ingetrokken.

“Hoewel we deze uitspraak deels hadden verwacht, komt zij hard aan. We blijven individuele procedures voeren op basis van schending van de zorgplicht, onrechtmatige daad en oneerlijke handelspraktijken.”

Jonas Verheul, partner bij Evers Soerjatin N.V. en advocaat van Bwin, PartyCasino en PartyPoker, spreekt van een bevestiging van het standpunt van zijn cliënten.

“De uitspraak bevestigt dat kansspelovereenkomsten van vóór 1 oktober 2021 geldig zijn. Procedures die uitsluitend zijn gebaseerd op de gestelde nietigheid van die overeenkomsten zijn daarmee definitief van de baan.”