Online gokbedrijven betaalden, ondanks verhoging, in 2025 €43,5 miljoen minder kansspelbelasting

Online gokbedrijven betaalden, ondanks verhoging, in 2025 €43,5 miljoen minder kansspelbelasting

Branchevereniging VNLOK meldt dat online gokbedrijven in 2025 13% minder kansspelbelasting hebben betaald dan in 2024. De organisatie baseert deze berekening op de belastingaangiften van aangesloten vergunninghouders.

Volgens VNLOK betaalden deze bedrijven in 2025 € 288,8 miljoen aan kansspelbelasting. In 2024 bedroeg dat nog €332,3 miljoen, wat neerkomt op ruim €43,5 miljoen minder. De leden van VNLOK vertegenwoordigen ongeveer 70% van de Nederlandse online gokmarkt.

VNLOK heeft samen met VAN Kansspelen, Nederlandse Loterij en Holland Casino een brief gestuurd aan de vaste commissie van Financiën. In deze brief roepen de organisaties de commissie op om actie te ondernemen en de effecten van de belastingverhogingen te evalueren.

Kabinet verhoogde kansspelbelasting vanaf 2025

Het vorige kabinet kondigde in 2024 aan dat het extra inkomsten voor de staatskas wilde genereren door de kansspelbelasting te verhogen. Het doel was om jaarlijks ruim €200 miljoen extra op te halen via hogere belastingen op kansspelen.

De verhoging werd in twee stappen gepland. Op 1 januari 2025 steeg het belastingtarief van 30,5% naar 34,2%. Vervolgens moest het tarief op 1 januari 2026 verder stijgen naar 37,8%.

Vanuit de kansspelindustrie kwam direct kritiek op de plannen. Volgens bedrijven viel de belastingverhoging samen met andere maatregelen, waaronder de invoering van speellimieten op 1 oktober 2024, waardoor de omzet van gokbedrijven onder druk zou komen te staan.

Ook in de Tweede Kamer ontstonden al snel vragen over de mogelijke effecten van de belastingverhoging en of de maatregel daadwerkelijk de verwachte extra belastingopbrengsten zou opleveren.

Kansspelautoriteit verwachtte lagere belastingopbrengsten

Al in 2025 werd duidelijk dat de eerste verhoging naar 34,2% niet de opbrengsten opleverde die het kabinet had verwacht. In de voorjaarsnota van 2025 werd de raming van de opbrengsten uit kansspelbelasting daarom naar beneden bijgesteld.

De ramingen werden met €33 miljoen verlaagd, nadat in de eerste maanden van het jaar bleek dat gokbedrijven minder omzet behaalden sinds de invoering van de speellimieten.

De Kansspelautoriteit stelde in een rapport dat in de zomer van 2025 werd gedeeld dat de belastingopbrengsten naar verwachting niet €100 miljoen hoger zouden uitvallen dan in 2024, zoals het kabinet eerder had voorzien. Volgens de toezichthouder zouden de inkomsten juist €40 miljoen lager kunnen uitkomen.

Dit beeld werd later bevestigd in de miljoenennota 2026, waarin staat dat er 23% minder kansspelbelasting zou worden opgehaald dan in de eerder aangepaste ramingen voor 2025.

Discussie in Eerste en Tweede Kamer over belastingverhoging

De tegenvallende belastingopbrengsten leidden tot politieke discussie in zowel de Eerste Kamer als de Tweede Kamer. Verschillende partijen vroegen zich af of de geplande verhoging van het belastingtarief moest worden doorgezet.

Thierry Baudet gaf aan dat hij de kansspelbelasting het liefst volledig zou afschaffen. Het CDA pleitte er daarentegen voor om de geplande tweede verhoging naar 37,8% opnieuw te heroverwegen.

Brancheorganisaties vragen evaluatie van belastingverhoging

Hoewel nog niet definitief is vastgesteld hoeveel kansspelbelasting in 2025 daadwerkelijk is opgehaald, zal dit volgens de planning duidelijk worden in de komende voorjaarsnota.

Ondertussen roepen VNLOK, VAN Kansspelen, Nederlandse Loterij en Holland Casino de vaste commissie van Financiën op om een evaluatie van de tariefsverhoging te versnellen. In hun brief vragen zij de commissie om drie concrete stappen.

Ten eerste vragen de organisaties te waarborgen dat de toegezegde evaluatie van de tariefsverhoging uiterlijk in het tweede kwartaal van 2026 aan de Kamer wordt aangeboden. Daarnaast vragen zij om de uitkomsten van deze evaluatie te betrekken bij de besluitvorming in augustus, inclusief een mogelijke heroverweging van de tariefsverhoging.

Tot slot vragen de organisaties om bij toekomstige beleidsbeslissingen expliciet rekening te houden met de samenhang tussen belastingdruk, illegaal aanbod, spelersbescherming en afdrachten.

Voor de vaste commissie van Financiën staat bovendien komende woensdag een commissiedebat over fiscaliteit gepland, waarin dit onderwerp mogelijk verder wordt besproken.